Brabantpark 1 PDF Afdrukken E-mailadres
Ik wordt langzaam wakker. De zon heeft mij gewekt. De deur naar mijn woonkamer staat al open. De lucht van net aangebrande eieren vloeit mijn slaapkamer binnen. Ik sta op. Ik verpest de verassing van mijn partner. Ik hunker echter meer naar rust en uitzicht.
Ik loop door de woonkamer en posteer mij voor het raam. Hier vind ik mijn ideale uitzicht. Mijn uitzicht, de rotonde. Buiten ligt hij er weer roerloos bij. Ook de rotonde heeft door dat het zondag is en maakt zich nergens druk over. Hij laat het verkeer over zich heen gaan.
Iedereen in mijn stad kent die rotonde. Toch is het de rustigste rotonde die ik ken. Misschien kent daarom iedereen hem. Het is een rotonde op een plek waar het niet nodig is. De rotonde straalt altijd rust uit. Het staat symbool voor de wijk. Daarom hou ik ervan naar te kijken.

Ik trek mijn schoonste vieze shirt aan en een korte broek. De sandalen maken het zondagse kostuum compleet. Zonder iets te zeggen laat ik alleen het geluid van de dichtvallende deur achter me. Ik ben op weg naar mijn rotonde. Ik ben er vrijwel direct. Ik loop een rondje over de rotonde. Ga in het midden staan. Zelden bekijk ik een dergelijk verkeersobject vanuit het object zelf. Enkele mensen in echte zondagse kostuums veroordelen me van een afstand. Blijkbaar komt het boek wat bij de meeste onder de oksel hangt nooit verder dan die plek. Ik blijf het van een afstand bekijken. De kerkgangers gaan naar binnen.

Ik heb de buurt even voor mij alleen. Ik slenter verder. Prachtig uitzicht tussen seniorenflats door op ‘de toren’. Vroeger begreep men nog wat zichtlijnen waren. Ik nader het basketbalveldje. Naalden en zakjes verraden dat men hier niet enkel geïnteresseerd is in basketbal.

Een hek verhindert mij een brug te betreden die nergens meer heen lijdt. Heeft moeten wijken voor een nieuwbouwplannen. Nieuwe mensen in de buurt, nieuwe ontwikkelingen. Houdt de buurt levendig. Op den duur maakt het de buurt dood. Het plan hangt nergens mee samen. Enkel met de portemonnee van de ontwikkelaar. Ik haal mijn schouders op.

Ik zetel mij neer langs een beekje. Het water kabbelt langzaam over de stenen. Dit kleine beetje water is op deze plek bijzonder, elke druppel heeft zijn eigen geluid. Spoedig zal toch elke druppel in de singel belanden. Tussen de miljarden druppels aldaar. Alles komt altijd uit in het centrum. Het draait, letterlijk en figuurlijk, om het centrum. Unieke druppels worden vergeten.

Het beekje heeft me toch opgefleurd. De eieren zullen nu wel klaar zijn. Ik loop terug naar huis. Begroet een mevrouw met een hond. Loop nog even langs mijn rotonde en ga mijn appartement weer binnen. Het zout bleek op te zijn. Helaas. Als dit mijn ontbijt zou zijn geweest zou mijn dag verpest zijn. Het park was mijn ontbijt, mijn dag is goed begonnen.
  Brabantpark, een wijk in beweging